GGZ negeert grote onderzoeksresultaten

Er zijn circa 400.000 GGZ-patiënten die als kind mishandeld, verwaarloosd of seksueel misbruikt zijn. Hoewel er vele studies verschijnen over de relatie tussen jeugdtrauma’s, psychiatrische stoornissen en suïcidaliteit op volwassen leeftijd, ontsnappen de schokkende uitkomsten al vele jaren aan de aandacht en moeten aan de vergetelheid worden ontrukt. Een Nationale Zorgalliantie is nodig om de problemen in de GGZ-traumazorg aan volwassenen met jeugdtrauma’s op te lossen.

Door Martijne Rensen en Lara Tanger

De relatie tussen chronische traumatisering in de kindertijd [jeugdtrauma’s], psychiatrische problematiek en suïcidaliteit op volwassen leeftijd is verontrustend hoog en verdient veel meer aandacht in de geestelijke gezondheidszorg [GGZ] dan ze nu krijgt. Er is nationaal en internationaal veel epidemiologisch onderzoek gedaan waaruit schokkende cijfers naar voren komen. In het buitenland vormen de uitkomsten van deze Studies uitgangspunt voor

GGZ-beleid. Hoewel in 2007 het eerste onderzoek van het toonaangevende Trimbos Instituut verscheen, worden de indrukwekkende cijfers in Nederland nog steeds niet vertaald naar de GGZ-praktijk. Het kan lastig zijn om de confronterende uitkomsten van deze studies door te laten dringen. Daarom zijn we wellicht geneigd om acties op de lange baan te schuiven. Maar in de huidige discussie over kwaliteit, doelmatigheid en kosteneffectiviteit van de GGZ kunnen we niet langer om deze kennis heen. In dit artikel zetten we belangwekkende studies op een rijtje, soms ook met confrontrende vraagtekens, en doen een voorstel om te komen tot Trauma Informed Practicein de GGZ.

Lees het volledige artikel.

Bron: Centrum Late Effecten Vroegkinderlijke Traumatisering (CELEVT)